Expositie Een dierbaar muziekinstrument, Edo Hebinck en Mies de Monchy, in CBK Concordia Enschede, 1 november 2008 t/m 18 januari 2009. Opening door Laurens van der Zee, 1 november 2008 Dames en Heren , mijn naam is Laurens van der Zee. Ik ben dichter en muzikant en bestuurslid van een kunstenaarsvereniging in Wageningen, een end hier vandaan, nog nooit hier geweest, ik ben dus een vreemde eend in deze bijt. En nu is me gevraagd zoiets hachelijks als een opening te doen terwijl ik nog niet eens weet waar de uitgang is… Maar door krantenberichten over een standbeeld voor Harry Bannink en Willem Wilmink weet ik dat hier goed volk woont, als muzikant speel ik heel soms iets van Bannink, behoorlijk moeilijk eigenlijk, en op een cd van de muzikant en tekstschrijver Karel Bosman staat bij een lied op tekst van Wilmink een stukje fluitmuziek van mij. En ik heb hier een nicht wonen, Jos, die hier nu aanwezig is, evenals een vriendin uit Wageningen die hier sinds enige tijd woont, een geweldige presentator, een aanwinst voor cultureel Enschede: Jantien Dubbeldam. Mies de Monchy De fotografe Mies de Monchy heb ik drie dagen geleden ontmoet per telefoon. Edo Hebinck ken ik iets langer omdat ie in Ede, een plaatsje onder de universitaire rook van Wageningen woont en in Wageningen een atelier heeft. Via de telefoon helen schijnt te kunnen dus vind ik dat ik Mies ook al even ken. Ik mag "je" zeggen, ze is van een kennelijk degelijk bouwjaar dus dan moet je dat even vragen. Mies de Monchy wil iets laten zien. Logisch, anders doe je niet aan exposities mee. Maar ze wil óns ook iets laten zien, ze wil, dat wij iets zien dat zij ook ziet. […] Kijk dan toch! Open dan die ogen! Zie je niet hoe het leven rijmt en klinkt en heilig is en nodig als een pasgeboren kind! Soms zie ik zoveel antwoord dat ik mijn vraag vergeet. Ik zie de molen en het land en het water helder als glas, ik zie ze baden in een zee van zinlicht… Nu leg ik haar met dit vroege gedicht van mij misschien teveel in de mond, maar ik denk dat het toch in de buurt komt. Iemand heeft eens gezegd "Mies de Monchy schildert met licht" en zo is het. Door haar aandacht voor schoonheid in de alledaagse dingen en in de relaties tussen die dingen, klein en groot, eert ze die dingen. Het licht, dat onmisbaar is voor het leven op aarde, helpt haar daarbij. En ze helpt ons die schoonheid óók te laten zien als we de moeite nemen even stil te staan. Zo worden de muziekinstrumenten die we hier geëxposeerd zien méér dan instrumenten die in dienst staan van zoiets verhevens als muziek. Nee, ze worden geopenbaard als schoonheden op zich zelf. Die schoonheid en dat stilstaan helpen ons, ons bewust te worden van de wereld om ons heen en onze positie als medebewoner én als kijker. Want wij zijn immers tegelijk waarnemer en medespeler. En aangezien beauty is in the eye of the beholder, zegt het feit dat wij de schoonheid in de wereld om ons heen kunnen zien vooral iets over onszelf: wij hebben schoonheid in ons anders konden we die nooit herkennen! Ik weet niet of je dat weet Mies! Maar dichters liegen de waarheid dus geloof het maar. Je opdrachtgevers weten het kennelijk wel, want uit de meest uiteenlopende branches, van baggerbedrijven tot bibliotheken en zorginstellingen vragen ze jou, de schoonheid die in hun producten verscholen zit aan de mensen te onthullen. Natuurlijk met het stiekeme doel, dat de mensen zich via het zonet genoemde proces gelukkiger voelen. Én dus hun producten kopen…! Ik wens je nog veel opdrachten en exposities toe en laat je nu even met rust. Edo Hebinck Gaan we naar de filosoof Edo Hebinck. De beeldend kunstenaar, verpleger en creatief therapeut Hebinck is eigenlijk filosoof maar hij verpakt het in iets anders opdat wij hem kunnen volgen. En omdat ie beschikt over een flinke dosis droge humor, en een knappe ambachtsman is, brengt ie zijn boodschap over via constructies die ons spontaan in de lach doen schieten. Dat zijn de beste docenten! Een stoel die een grammofoon is geworden, een Singer naaimachine die een orgel wordt, een fiets die kan bellenblazen, nee maar! Maar als wij schuddebuikend van het lachen weer naar buiten lopen en aan iedereen vertellen dat je daar gekke naaimachines kunt zien, zal hij niet tevreden zijn. Want die machines zijn voor hem vooral de dragers van een boodschap en die gaat over de waarde van de menselijke geest ( en misschien ook wel over de waarde van De Schepping maar zo goed ken ik hem nu ook weer niet). Het sleutelwoord is divergentie, ofwel een toename van variaties en van expressiemogelijkheden. Dat is een scheppingsproces dat leidt tot veelvormigheid en uitgebreidheid. Als een echte Marten Toonder, die een interessante filosoof was, heeft hij daar een eigen woord voor ontwikkeld, een van de vele eigen woorden die ik van hem ken: "Verschilligheid": De menselijke geest is zo creatief dat wij zowel wakend als dromend een enorme diversiteit aan beelden en gedachten scheppen. Maar je ziet het ook in de natuur, die zich vanaf het kleinste organisme miljoenvoudig heeft ontwikkeld, steeds verder gespecialiseerd en gediversifieerd. En dáárom is het dat bij Edo een fiets nu ook kan bellenblazen en een projector nu ook een microscoop is – die op zijn beurt weer de divergentie in de natuur laat zien. Edo spaart boeken op dat gebied, hij heeft een schat aan oude boeken over biologie en natuurkunde, die hij in mooie zelfgemaakte vitrines aan ons laat zien. Ze horen bij zijn reizende Museum voor Toegepaste Divergentie. Het bestaat in zijn hoofd en in een nu nog losse verzameling, maar het is de bedoeling dat het een echt museum gaat worden. En hij heeft ook nog het plan om een Museum voor Droom en Geheugen te maken, waarin je alles kunt zien over het scheppende vermogen van de mens. Als u daar nu aan denkt terwijl u zodadelijk geniet van die prachtige machines, dan zijn Edo en ik tevreden. Ik moet hierbij verklappen dat ik zelf ook verzot ben op techniek, dus filosofie of geen filosofie, ik ben ook niet van die apparaten weg te slaan! Mini-schroefje Tot zover mijn verhaal. Voordat we nu het expositiethema een dierbaar instrument in praktijk gaan brengen met een duet op basblokfluit en Singernaaiorgel, wil ik aan Mies en Edo iets geven, via u als publiek. Mies had het door de telefoon over de schoonheid van zelfs een klein schroefje, en bij Edo als ambachtsman scoren schroefjes natuurlijk ook hoog. Daarom heb ik twee kostbare kleinoden uit mijn grote verzameling bouten en moeren voor hen uitgezocht, die ons even laten stilstaan bij het wonder van de techniek en dus van het menselijk scheppend vermogen. Ik geef ze u om door te geven aan de kunstenaars, maar ze zijn zo klein dat alleen bij uiterste aandacht dit waagstuk gaat gelukken. En ik verklaar hierbij deze expositie voor geopend. Laurens van der Zee, Wageningen, 1 november 2008. www.laurensvanderzee.nl